ik ben vleselijk,:
Namelijk nog ten dele, ten aanzien van de overblijfselen des vleses, die nog in mij zijn, gelijk hij verklaart Rom. 7:18,23. Want dat ook de wedergeborenen, ten aanzien van enige gebreken die nog in hen zijn, vleselijk genaamd kunnen worden, blijkt 1 Cor. 3:1.