Maar de wet:
Hier beantwoordt de apostel deze tegenwerping: Indien wij door de gerechtigheid van Christus alleen tot rechtvaardigen gesteld worden, waartoe is dan de wet den Israëlieten door Mozes gegeven; en verklaart dat de wet niet is gegeven om gerechtvaardigd te worden door haar, maar opdat de zonde en de straf, die wij vanwege de zonde schuldig zijn, te beter zou bekend worden; en dat alzo de genade Gods in Christus, die ons, niettegenstaande de zwaarheid onzer zonden, rechtvaardigt, te meerder zou geacht worden, en wij te vlijtiger onze toevlucht tot dezelve zouden nemen. Zie Gal. 3:19.