alleen machtige Heere,:
Zo wordt God de Vader alleen wijs, 1 Tim. 1:17, en alleen goed genoemd, Matth. 19:17, en in het volgende vers 1 Tim. 6:16 gezegd de onsterfelijkheid alleen te bezitten, omdat hij die alleen van zichzelf en volmaakt heeft. En de apostel spreekt hier zo, niet om Christus hier uit te sluiten, die deze titels ook worden gegeven, Openb. 1:8, en Openb. 19:16, en elders, maar om God zo van alle schepselen te onderscheiden, en om aan te wijzen, dat wij geen macht, die tegen ons is, in de wereld hebben te vrezen, wanneer wij ons beroep getrouw uitvoeren, en derhalve God voor ons hebben, die door Christus eenmaal alles zal richten. Zie ook Joh. 17:3.